De Levende Natuur

Toen de Nederlandse Mycologische Vereniging werd opgericht in 1908 was er niet meteen een eigen verenigingstijdschrijft, maar publicaties over paddenstoelen werden gedaan in De Levende Natuur, het natuurtijdschrift van E. Heimans en Jac. P. Thijsse. In de 13e jaargang (1908) vinden we op blz. 119 de 'oproep tot oprichting van de Nederlandsche Mycologische Vereeniging'.

De over de NMV en/of paddenstoelen handelende artikelen uit 1908 en 1909 komen uit twee gebonden jaargangen van De Levende Natuur. Ze zijn hier samengevoegd. De koppelingen openen dus niet een volledige jaargang maar slechts een compilatie van alle pagina's met paddenstoelgerelateerde artikelen uit de betreffende jaargangen.

De Levende Natuur 13 (1908)
De Levende Natuur 14 (1909)

INGEKOMEN BOEKEN (1910. De Levende Natuur 15: 44) Morieljes, door Joh. Buys. — De voorzitter van de Ned. Myc. Ver. geeft in 8 bladzijden een beschrijving van de in ons land gevonden of nog te vinden Morielljes. Acht figuren (naar lieroemde werken) van de 7 soorten verduidelijken den tekst. Liefhebbers van deze geurige en lekkere paddenstoelen vinden er ook nog een manier In aangegeven om morieljes aan Ie kweeken. Wie een eenvoudige methode vindt, om geregeld in hel groot morieljes te kweeken, heeft een goudmijntje ontdekt. De brochure wordl aan alle leden Mycologische Vereeniging toegezonden. Voor niel leden is ze bij den boekhandel ;1 V) et. verkrijgbaar, E. Hs.

Anonymus (1910). Het treurige vergiftigingsgeval in Den Haag. De Levende Natuur 15: 242-243

ALGEMEENS VERGADERING DER NEDERLANDSCHE MYCOLOGISCHÈ VEREENIGING OP ZATERDAG 24 SEPTEMBER 1910 TE UTRECHT. Uit de notulen. De Levende Natuur 15: 243-244

Cobi Brouwer (1918). Zwammen in muggengallen. De Levende Natuur 23: 38

L. Dorsman Cz. (1918). Meeldauw en Roetdauw. De Levende Natuur 23: 138-140

Cath. Cool (1918). Paddenstoelen als voedsel. De Levende Natuur 23: 145-150

K. Boedijn (1918). Boekbespreking: Adalbert Ricken, Vademecum für Pilzfreunde 1918. De Levende Natuur 23: 181

L. Dorsman Cz. (1918). Op populirenbladen. De Levende Natuur 23: 195-199

F.B. (1918). Een herfstwandeling in 't Mastbosch bij Breda. De Levende Natuur 23: 204-205

K. Boedijn (1918). Boekbeoordeing: Nederlandsche Paddenstoelen. Lijsten ter determineering, samengesteld naar aanleiding van Ruys' „De Paddenstoelen van Nederland", door A. Joman. 1918. De Levende Natuur 23: 253-254

Cath. Cool (1918). De Mycologische Flora van het koninklijk park 't Loo en de afd.: Apeldoorn der N. N. V. De Levende Natuur 23: 287-288

K. Boedijn (1918). Mycologische aanteekeningen. De Levende Natuur 23: 352-362

Cath. Cool (1919). Het paddenstoelenjaar 1918. De Levende Natuur 23: 24-27

Dr. L. S. WILDERVANCK (1947). Iets over de voedingswaarde van paddenstoelen. De Levende Natuur 50: 78-80